breng het mee kerstdiner | en tafel vol

Wat eten we met Kerst? Twee strategieën voor een breng-het-mee-kerstdiner


Wat eten we met Kerst? Twee strategieën voor een breng-het-mee-kerstdiner

 

kerstman met rendier en arreslee | wat eten we met Kerst? | Een tafel volWat eten we met Kerst? Ieder land heeft zo zijn eigen tradities. In Frankrijk zijn ze het oesters, vette ganzenlever, een boomstammetje toe. In Duitsland is het gevulde gans. In Nederland schijnt (naast de traditionele rollade) gourmetten echt als de oplossing te worden gezien.

Voor wát precies, vraag ik me af.

Begrijp me goed, ik ben dol op gourmetten. Een voorliefde die uit mijn jeugd stamt. Toen het fenomeen midden jaren zeventig opkwam organiseerde ik prompt een kookfeestje voor mijn verjaardag. Mijn moeder heeft het nog vaak over vriendinnetje Petra, dat na ieder pannetje opnieuw verbaasd en opgetogen ‘ik wist niet dat ik zo lekker kon koken’ uitriep. We zijn úren bezig geweest.

Als ik tegenwoordig bij een gourmetparty aanschuif (gek genoeg heb ik zelf geen gourmetstel) valt me op dat het feest verworden is tot een sessie vleesbakken zonder garnituur. Niks flamberen met cognac, geen sausje monteren met boter, een poppen-foe-jong-haitje bakken of eens iets uitproberen wat helemaal verkeerd uitpakt. En iedereen is veel te snel klaar.

Misschien is gourmetten daarvoor de oplossing: je hoeft niet voor een ander te koken én het is zo voorbij. Als je van familie, koken noch eten houdt is dat ontegenzeggelijk een voordeel. Overigens zou je dan ook een non-conformistischer opstelling kunnen kiezen en de brui geven aan dat hele kerstdiner, met glitterjurk en al.

Maar als van de elementen familie, koken en eten er minimaal twee je belangstelling hebben én je wilt een nieuwe traditie beginnen, dan is hier je kans: het breng-het-mee-kerstdiner. Iedereen zorgt voor een deel van de kerstmaaltijd. In dit blog lees je hoe je dat zonder stress organiseert.

wat eten we met kerst? een breng-het-mee kerstdiner | Een tafel vol

Voor het breng-het-mee-kerstdiner zijn er twee strategieën: regie en laissez-faire. Kies de strategie die het beste bij je past, dat is altijd een goed begin.

In de geregisseerde aanpak bedenk je zelf een kerstmenu. Daarna vraag je degenen die aanzitten bij het diner of ze een gerecht willen maken. Die zeggen dan ‘ja, natuurlijk’, of ze het nou menen of niet. Dat is het fijne aan Kerst.

De voordelen zijn evident: een ingrediënt komt niet meer dan eens in de maaltijd voor, geen wachtrij voor magnetron en oven; het geeft rust, orde, regelmaat. Dat klinkt saai, maar ik zou het eerder ontspannen noemen; alle aandacht kan gewoon naar het eten uitgaan. Voor het gemak (of ter inspiratie) heeft Een Tafel Vol een menu bedacht, dat ik de komende dagen voor je uitwerk. Geduld, je leest er meer over in het volgende blog.

Nu eerst verder met de laat-maar-gaan strategie. Het centrale principe daarvan is dat iedereen voor de kerstmaaltijd een klein en opzichzelfstaand gerechtje naar eigen keuze maakt. Ben je met z’n vieren of vijven dan is dat te karig. Je zou dan voor twee gerechten per persoon moeten kiezen, maar deze aanpak werkt het best met een wat grotere groep – daarom past het ook zo mooi in deze site, hè.

Anders dan het woord doet vermoeden verlangt het laissez-faire-menu wel degelijk regels, vooral als je het de eerste keer doet. Niet altijd hebben de deelnemers het principe ‘één zelfstandig klein gerecht per gang’ direct in de gaten en roepen ze welwillend dat zij wel de aardappelpuree willen maken, of een pan rijst. Dat is lief, maar niet de bedoeling. Goed uitleggen dus. Benadruk vooral ook het geringe formaat van de gerechtjes.

Regel nummer twee: bemoei je niet met andermans plannen. Je mag er wel op anticiperen. Vind je dat er wel kerstboomkopengenoeg vlees en vis op tafel komt? Kook een groenteschoteltje. Zijn er al twee nagerechtjes maar ben je er dol op? Maak gerust een derde kerstdessert.

Je begrijpt dat het uitwisselen van de plannen wel handig is. Wij doen dat via een groepsapp (ook praktisch om achteraf de foto’s te delen en achtergebleven eigendommen weer op hun plek te krijgen).

Een derde regel: één of twee mensen verzinnen op de vooravond van de kerstdis een aantrekkelijke volgorde van de gerechten en delen die (ook weer op de groepsapp). Zo weet iedereen wanneer ze aan de beurt is.

Dan de laatste regel, die dient om het de gastgevers zo gemakkelijk mogelijk te maken: iedereen zorgt zelf voor alle spullen die hij nodig heeft. Ook voor het serviesgoed en een begeleidend slokje wijn. Pak het serviesgoed na gebruik gewoon weer in en was het thuis af. Lekker rustig.

Het leuke van de laissez-faire strategie is: iedereen kan wat maken op zijn of haar niveau. Omdat alle aandacht uitgaat naar dat ene hapje en de presentatie daarvan kan je de prachtigste gerechtjes krijgen. En zit er eens iets tussen wat niet zo lekker is? Even slikken, en op naar de volgende gang.

Tip: Beperk je vooral niet tot amuses en voorgerechten. Er is helemaal niets op tegen om een lepel hachee met een dotje puree op te dienen, als dat je signature dish is. Volgde je dit jaar een wijncursus? Serveer dan je favoriete wijn-spijscombinatie en vertel erbij waarom dat zo is.

kerstboomversierdWat wij gaan maken? De lezers die Een Tafel Vol volgen op Facebook of Twitter hadden misschien al een vermoeden. Bath chaps!

In de serie video’s van Scott Rea (The Scott Rea Project, ze hebben allemaal met het edele slagersvak te maken) sprak er eentje bijzonder aan: die waar hij uit een hele varkenskop de wangen (koontjes) haalt, ze pekelt en daarna gaart in bouillon. Nou zijn wij niet zo ambachtelijk met hele varkenskoppen; dus het is fijn dat je varkenskoontjes ook gewoon los kunt kopen. On line bij OK vlees bijvoorbeeld, of bij Beef & Steak. Bij die laatste kochten we de wangen van het Ibericovarken, bij wijze van kerstluxe.

Daarbij een mini vega-huzarenslaatje, als fris zoetzuur tegenwicht bij het gepekelde vlees. Dat is het.

Hier vind je het recept: Varkenskoontjes met huzarengarnituur voor 10 personen

Van huzarensalade bestaat een wereld aan recepten. Aan de sceptici: Zelfgemaakt lijkt de salade in niets op de kant-en-klare klefzure hap. Ik gebruik hier de bereidingswijze van een recept van Onno Kleyn  (uit Kleyns columns, Spectrum, editie 2006), maar met deels andere ingrediënten.

Het recept voor de pekel is afkomstig uit Jane Grigson’s standaardwerk Worst, paté en andere charcuterie uit de Franse keuken, (Terra, editie 2008).

Héél benieuwd wat we nog meer gaan eten.

 

 

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.